Spook Korte Rozendaal

Gisteravond om ongeveer negen uur begon weer de drukte, die sinds zaterdagavond in de omtrek van het kinder-bestedelingenhuis, in het Korte Rozendaal, heerst. De volksmenigte bepaalde zich echter tot kijken en praten. Het Korte Roosendaal was door de politie afgezet en de toeschouwers moeten dus voor de einden van die steeg op het Kleine Geertekerkhof en in het Lange Rozendaal blijven staan.

Omtrent de oorzaak van het opstootje – dat aan de buren, van wie de meesten s’morgens reeds zeer vroegtijdig moeten opstaan, veel hinder veroorzaakt – verneemt men allerlei wonderlijke verhalen, welke wel bewijzen hoe verbazend lichtgelovig ons volk toch nog is. Zo hoorde men in alle ernst verzekeren, dat één van de pas opgenomen meisjes – die dan het spook gezien zou hebben – door een ‘kwade magneet’ moest aangeraakt zijn. De juffrouw, die het vertelde, verzekerde dat zij geen verstand van die dingen had, maar dat zij voor zeker kon vertellen – want zij had het zelf gezien – dat er gistermiddag ‘twee heren’ in het spookhuis waren geweest om de zaak te onderzoeken. De appelenvrouw aan de overkant had gezegd, dat het zeker heren waren van het bestuur van de stad en dat moest wel, want er stond net een man van de stadsreiniging het riool uit te scheppen en die had heel diep zijn pet voor de heren afgenomen.

Overigens liepen er omtrent vrouw Jansen, die haar bedrijf van kinderverpleegster daar in de buurt reeds sedert jaren uitoefent, geruchten, voor welker geloofwaardigheid men evenmin kan instaan als voor die van het verhaal, dat de gehele spookgeschiedenis slechts verzonnen zou zijn om de waarde van het huis te verminderen.

De belangstelling van het publiek is echter reeds merkbaar aan het dalen. Toen voor de militairen het klokje van gehoorzaamheid sloeg en de zonen van Mars daarom het slagveld verlieten, was het spoedig weer rustig in de omtrek. De bewoners van de omliggende stegen zitten merendeels kalm voor hun deur en roken een pijpje. Aldus meldt het ‘Utrechtsch Dagblad’ omtrent de spookhistorie.

De ‘Utrechtsche Courant’ deelt verder het volgende mede: Spoken schijnen nu eenmaal geen daglicht te kunnen verdragen. Zolang het dus dag was, bleef het gisteren in de Korte Rozendaal vrij kalm. Maar nauwelijks begon de duisternis in te vallen, of de boel raakte weer in spanning. En daar begon me zowaar het lieve leventje van de vorige avonden opnieuw.

Het spook was nu slimmer en liet zich niet zien, maar des te meer horen. En toen er op een zeker moment op de bovenverdieping in het Bestedelingenhuis tafels en stoelen omgegooid werden, namen de bewoners, groot en klein de vlucht. De kleine bestedelingen, die weer in de woning waren opgenomen, werden opnieuw ondergebracht in het huis, waar men hen de vorige dag had geherbergd; alleen een tweetal oudsten uitgezonderd, die naar elders werden getransporteerd. Intussen werden later op de avond de jeugdige verpleegden onder geleide van vrouw Jansen en hare dochter weder in huis teruggebracht – ‘op hoog bevel van de stad’ naar het heette.

Intussen waren van alle kanten uit de stad nieuwsgierigen komen opzetten. Jong en oud! Het hele Korte Rozendaal was opgevuld met een menigte, die zich tot aan de Geertekerk verdrong. En allen staarden naar het huis in kwestie, wachtende op de dingen, die komen zouden.

Daar kwam echter niets, absoluut niets. Niets dan herrie en rumoer! De politie, die in sterke getale was vertegenwoordigd, achtte daarom de tijd gekomen, om op te treden. En dit optreden ging met kracht gepaard. Toen de buren, wie dit spookleventje bar begon te vervelen, van uit hun bovenramen emmers met water op de toeschouwers neerwierpen, hetgeen het lawaai niet weinig vermeerderde, trok de politie de sabel en met het blanke zwaard werd nu de menigte uiteengedreven.

Het gezin begaf zich, terwijl enige mannen de wacht zouden houden, te rusten. Eerst ’s nacht omstreeks 12 á 1 uur verminderde de drukte buiten. Een zestal politie-agenten bleef nog geruime tijd de wacht houden.

Al is het treurig, dat de politie met het ontruimen zo hardhandig te werk moest gaan – het wordt tijd, dat aan die laffe en kinderachtige spookhistorie een eind komt. De buren, die gezond verstand bezitten, verlangen er naar. De kinderen in de buurt liggen te rillen en te schreeuwen op bed en kunnen niet in slaap komen en het geregelde huiselijke leven raakt bij velen in de war. Het is nu wél geweest!

Bron: Leids Dagblad, vrijdag 18 augustus 1893
Beeldbank Het Utrechts Archief

3 thoughts on “Spook Korte Rozendaal

  1. Yvonne @Y_van_L (op Twitter):
    Wat een fantastisch taalgebruik toch vroeger. Weer even genoten van dit verhaal!

  2. Saskia @saskia86 (op Twitter):
    Waar heeft dat bestedelingenhuis gezeten? Kan er weinig over vinden
    Veel interesse in dat hoekje want betovergrootmoeder woonde er 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll Up