De Paasdol

Het Dolhuis was eeuwenlang een huis van jammer en ellende, waar de krankzinnigen en onnozelen voornamelijk opgesloten zaten. De belangrijkste inkomsten van het dolhuis waren het tegen betaling naar “gekken kijken” en de dolhuiskermis.

Zo was er de ellendige volksgewoonte om op de dag na Pasen, ook wel Paasdrie of de Paasdol genoemd, het krankzinnigenhuis voor bezoekers open te stellen.

Men vierde dan de kerspel-kermis van St. Nicolaas op het Nicolaaskerkhof, wat vol stond met kramen en tenten. Er werd tot laat in de nacht gefeest en gedronken. De vaak benevelde kermisgasten bezochten dan het Dolhuis. De ongelukkigen, waarvan sommige in hokken met ketenen om ’t lichaam opgesloten waren, werden geplaagd en gesard. Soms met een prikstok om de gekken hoorndol te maken.

De regenten hebben in 1616 nog getracht om een einde aan deze mensonwaardige vertoning te maken en ‘Paaschdol’ af te schaffen. Maar het kwaad was zoo ingeworteld dat het vanzelf weer opleefde, zodat in 1621 de viering van Paasdol al weer in volle gang was, en ze bleef nog tot 1825 bestaan. Geleidelijk ging men inzien dat een geestesziekte geen straf van God was, maar een aangeboren afwijking, waar de duivel of de betrokkenen zelf buiten stonden.

Vanaf 1826 begon de hoogleraar Schroeder van der Kolk de gebreken, die aan het gesticht kleefden, te verbeteren. Met een liefderijk hart trok hij zich het lot der ongelukkigen aan en reorganiseerde de krankzinnigenverpleging drastisch. De verpleging van psychiatrische patiënten is na zijn initiatief steeds verder verbeterd. Naarmate de kennis over geestesziekten voortschreed, werden mensen met een geestelijke handicap liefdevoller verzorgd en als het kon zo veel mogelijk bij de samenleving betrokken.

Het oorspronkelijke Willem Arntszhuis bestaat nog. Maar sindsdien zijn de gebouwen van de Willem Arntsz stichting rond dit huis flink uitgebreid.

Bron: Utrecht, Historische wandelingen, H.J. Broers, 1909
Beeldbank Het Utrechts  Archief

5 thoughts on “De Paasdol

  1. Sjoerd de Boer @UtrechtseSjoerd (op Twitter):
    Van een vaste klant van café de Rat werd gezegd dat ie een deurtje verder was gegaan. Nooit uitgevonden of het Dolhuis of Pesthuis bedoeld werd. Speelde begin 19e eeuw, dus over de voorloper van De Rat schat ik zo.

  2. Ed Landsmeer 030 @EdLandsmeer (op Twitter):
    Heb er in de zeventiger jaren als onderhoudsmonteur werkzaamheden verricht en kwam tot het inzicht hoe bijzonder het was als je gezond van lijf en leden was en dat het in een split second zomaar kon gebeuren dat je daar ook kwam te zitten. Gelukkig was het personeel nu wel begaan.

  3. Alette Jurgens @AletteJurgens (op Twitter):
    Dat klopt helemaal. Die split second is bij mij wel gekomen, ik heb daarbinnen gezeten, blij dat we niet meer in 1616 leven! Tegenwoordig eigen kamer en sanitair.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Scroll Up